social follow

Het boeket

Het boeket

Pocahontas 

 

“Wit en rood?”
“Zoiets had ik in gedachten, jawel.”
“Voor Valentijn?”
“Nee,” zegt de man. “Dit is dieper.”
De bloemenverkoper schrikt van de norse toon en nog meer van de gekwelde uitdrukking op het gezicht van zijn klant. Zijn anders zo radde tong laat hem in de steek. Terwijl hij de bloemen uit de emmers plukt ziet hij dat de klant zich weer lijkt te herpakken. Mooi zo, denkt de verkoper. Als je iets goed te maken hebt, kun je maar beter niet al te gespannen zijn. Hij wikkelt het boeket in een doorzichtig ritselpapiertje, geeft het aan de man en rekent af. “Succes,” probeert hij nog.
“Dank u wel,” zegt de man. “Al zal dat niet van mij afhangen.” Hij wil zich omdraaien en aarzelt. “Weet u, als ze niet komt, dan geef ik het aan mijn moeder.”
Hij legt het boeket weer op de toonbank.
Het is duidelijk dat de man wat kwijt moet.
“Ik was vijf, zij was vijf. Twintig jaar deelden we lief en leed. Halfweg mijn derde jaar geneeskunde wilde Pocahontas ineens de wereld zien. Het was niet omdat het niet meer ging, omdat er een derde was of omdat ze me niet meer van me hield.”
“En?”
“Je kunt de hartenwens van je grote liefde toch niet weigeren. Zelfs als dat je eigen hart breekt. We spraken af dat we elkaar terug zouden ontmoeten, op dat bankje ginds. Maar tien jaar is lang, hoor. Ik twijfel eraan of ze wel opdaagt. Het leven is geen Disneyfilm.”
“Nee, dat is zo. Maar je weet maar nooit,” zegt de verkoper.

Hij scant gezichten in de inkomhal. Dit is waanzin. Daar staat hij als Piet Snot met de daver in zijn lijf. Al die tijd heeft ze niets van zich laten horen. Een kaartje kon er toch wel van af. Hij wordt woest als hij eraan denkt. Anderzijds, ze heeft zich aan haar woord gehouden. Ze hadden het samen zo afgesproken.
Er komt een nieuweling binnen. De vrouw is beladen als een pakezel. Ze draagt een kooi in haar handen, waar een kat in zit. Beide schouders zijn behangen met reistassen, onder een arm steekt een opgerold tapijt, met haar voet duwt ze een koffer voort, en door middel van een touw sleept ze een andere achter zich aan. Gussie, wat heeft ze veel bagage bij! Hij laat de bloemen vallen en rent haar tegemoet.

Pas uren later realiseert hij zich dat het boeket ergens in de inkomhal is achtergebleven.
(En daar ligt het nu nog, mooi rood en wit te wezen.)

 

 

N.A.V. Wekelijkse Schrijfopdracht op SOL. 

 

Add new comment