social follow

Ronde kringetjes

Ronde kringetjes

Langzaam werd de geur van dennennaalden verdrongen door een geur die ik nooit meer zou vergeten en nog dagenlang op mijn huig zou blijven liggen. Ik verliet het wandelpad en liep een stukje verder het bos in.

Plotseling zag ik mijn maten in het kreupelhout. Heel even voelde ik mijn hart opleven. Ze waren een beest aan het roosteren! We hadden al drie dagen niets meer gegeten. Eigenlijk had ik blij moeten zijn, maar de braadlucht weerhield me daarvan onmiddellijk. En dat niet alleen.

De aanblik van het vreemde wezen dat ze aan het roosteren waren wekte een gevoel van walging bij me op. Het was minstens twee meter lang, met een diameter van ongeveer dertig centimeter. Het lijf was opgebouwd uit ringsegmenten, bekleed met zwarte, bobbelige schubben. De afgehakte kop lag naast het vuur. Het had een afgeplat gezicht. Met een beetje fantasie kon het doorgaan voor het gezicht van een rimpelig, oud mannetje.

‘Getver, Ziggy en Bink, wat hebben jullie in Godsnaam gevangen? Het hele woud stinkt naar verbrand haar en nog iets dat vast veel smeriger is dan dat.’

‘We moeten eten, Wolf. Het is beter dan niets.’

Ik keek mijn vrienden aan. Ze zagen er precies uit zoals ik me voelde, vermoeid en zo hongerig dat we bereid waren om zelfs dennennaalden te eten. Dit woud was niet goed voor ons. De konijnen waren schaars en er flitsten tien keer meer vuurballen door de lucht dan dat er vogels vlogen. De grond trilde weer.

Ziggy en Bink sprongen direct op. Ze hielden hun speren in de aanslag en ze dansten op en neer alsof ze de bodem onder hun voeten wantrouwden.

‘Wat,’ begon ik mijn vraag.

‘Grijp je zwaard, Wolf. Ze kruipen naar boven als de aarde beeft. Let goed op wanneer je ronde kringetjes ziet.’

 

N.a.v. Wekelijkse Schrijfopdracht #229 op SOL 

Add new comment